Nierbiopsie met echo (bij nierziekte)

Nierbiopsie met echo (bij nierziekte)

Bij een nierbiopsie neemt de arts met een dunne naald een klein stukje weefsel uit de nier. Dit weefsel wordt onderzocht om te weten te komen wat de oorzaak is van uw nierziekte of om te beoordelen of een behandeling werkt. De biopsie gebeurt met hulp van een echografie op de afdeling Radiologie, zodat de arts precies kan zien waar we de naald inbrengen.

Voorbereiding

  • U mag twee uur voor het onderzoek niet eten, drinken en roken.
  • Krijgt u uw onderzoek in de ochtend? Dan mag u licht ontbijten: één beschuit met jam of honing en één kop thee.
  • Krijgt u uw onderzoek in de middag? Dan mag u voor het ontbijt en de lunch één beschuit met jam of honing en één kop thee nemen.
  • U wordt in ieder geval één dag opgenomen op de verpleegafdeling. Na de ingreep moet u namelijk een tijdje op bed blijven. Zo kunnen we u ook goed in de gaten houden. De arts bespreekt met u of u een nachtje moet blijven of dat u later op de dag naar huis kunt.
  • Voor het onderzoek brengt de verpleegkundige een waakinfuus in. Dit is een plastic buisje dat in de onderarm blijft zitten tot u weer naar huis gaat.

Belangrijk

  • Gebruikt u antistollingsmedicijnen (bloedverdunners)? U moet hier tijdelijk mee stoppen voor de ingreep, dit bespreekt uw arts met u.
  • Andere medicijnen mag u gewoon innemen. Eventueel met een slokje water.
  • Laat het ons weten als u (misschien) zwanger bent. Als u probeert zwanger te worden, weet u alleen de eerste tien dagen na de ongesteldheid zeker dat u het niet bent.

Wat zijn mogelijke risico’s?

Een nierbiopsie met echo is over het algemeen veilig. Toch kunnen er complicaties optreden, vooral bloedingen.

Bloed in de urine

Bloeding waarvoor behandeling nodig is

Verwijderen van de nier

Overlijden

Zo houden we de risico’s zo klein mogelijk

Onderzoek

Een radioloog doet het onderzoek. Hij of zij wordt geholpen door een laborant. Voor een nierbiopsie maken we gebruik van echografie. Voor het onderzoek krijgt u soms een operatiehemd aan.

  • Zorg dat de plek waar we gaan prikken en de ruimte daaromheen bloot zijn.
  • Met echografie brengen we de plek waar we de punctie doen in beeld met ultrageluidsgolven. U krijgt daarvoor wat echogel op uw huid.
  • De radioloog strijkt met het echoapparaat over de huid. Zo zoeken we de precieze plek op om te prikken.
  • We desinfecteren de huid waar we gaan prikken met alcohol.
  • De radioloog geeft u eerst een prik met de verdovende vloeistof. Die kan wat branderig voelen.
  • Met een klein mesje maakt de radioloog een sneetje in de huid. Door de verdoving voelt u hier niets van.
  • De radioloog gaat daarna met een naald naar binnen. Die naald zit op een speciaal systeem waarmee we een stukje weefsel kunnen weghalen. Bij het inbrengen van de naald kunt u even een scherpe pijn voelen.
  • Bij het wegnemen van een stukje weefsel hoort u een klik. Misschien voelt u van binnen een tikje. Meestal nemen we meerdere stukjes weefsel weg op dezelfde plek.
  • Na het onderzoek krijgt u een verband op de plek waar de naald naar binnen ging.

Na het onderzoek

We brengen u na de nierbiopsie naar de verpleegafdeling. Daar blijft u enkele uren liggen ter controle. De verpleegkundige meet bij u de eerste tijd een paar keer de bloeddruk en polsslag en controleert het wondje. U kunt nog wat pijn hebben. Bijvoorbeeld een pijn die uitstraalt naar de rechterschouder. Heeft u pijn of een nabloeding? Waarschuw de verpleegkundige van de afdeling.

Als het goed met u gaat, halen we het infuus uit uw arm. Dan kunt u weer naar huis. Het kan zijn dat de arts die u behandelt anders beslist en u een nachtje in het ziekenhuis moet blijven.

De uitslag

Meestal is de uitslag van het laboratoriumonderzoek na een week bekend. De uitslag gaat naar de arts die het onderzoek voor u heeft aangevraagd. Die bespreekt de uitslag met u.

Mogelijke problemen

Na de punctie kunt u last hebben van wat pijn en een blauwe plek. U kunt hier een ijszak voor gebruiken. Leg de ijszak niet direct op de blote huid. Doe er bijvoorbeeld een theedoek of kledingstuk tussen.

Wanneer moet u contact opnemen?

Neem direct contact op met de Spoedeisende hulp (T 088 753 1 753) als u na thuiskomst: