Knippen van het tongriempje

Knippen van het tongriempje

Soms is de tongriem erg kort of zit deze vast aan de punt van de tong. Uw baby kan de tong daardoor niet goed heffen of uitsteken. Dat kan bijvoorbeeld bij de borstvoeding problemen geven. Of op latere leeftijd bij duidelijk praten of het spelen van een blaasinstrument. Daarom wordt een te kort tongriempje geknipt.

Knippen van het tongriempje

Voorbereiding

Het doorknippen van de tongriem is een kleine ingreep. Verdoving is daarom voor baby’s tot een jaar niet nodig. Wel krijgt uw baby een paar druppels sucrose in het mondje. Dit is een soort pijnstiller. Meer pijnstilling is niet nodig. In sommige gevallen verwijzen we u door naar de tongriemkliniek Tandinzicht in De Bilt.

Behandeling

Het is belangrijk dat uw baby heel stil ligt tijdens de ingreep. Daarom houden we het hoofdje vast. De arts houdt de tong van de baby wat omhoog en kan zo de tongriem knippen. De ingreep duurt een paar seconden tot ongeveer een minuut.

Zo mogelijk is in Tergooi MC ook de lactatiekundige bij de ingreep aanwezig. Zij helpt u daarna bij de nazorg.

Na de behandeling

Direct na het knippen

De baby mag na het knippen direct aan de borst of uit de fles drinken. Soms drinkt de baby na het knippen meteen veel beter. Dit is niet altijd zo. De baby kan ook juist wat minder makkelijk aan de borst willen of minder drinken.

  • De baby kan de eerste 24 uur na het knippen onrustig of huilerig zijn. Geef huid-op-huidcontact en houd de baby veel bij u.
  • Door vaker aan te leggen kan de baby oefenen met de nieuwe situatie en zo voldoende drinken.
  • Geef zo nodig een paracetamol zetpil als de baby oncomfortabel lijkt na de ingreep.
  • De baby kan bloeddruppels inslikken. Dit is niet erg. Schrik niet als de baby samen met de melk bloed spuugt. De volgende dag kan de ontlasting donker zijn van kleur.
  • Het mogelijke bloeden moet na een paar uur gestopt zijn. Zo niet, bel dan altijd de poli KNO (088-7531200) of buiten kantoortijden de dienstdoende huisarts.
  • Heel soms kan een nabloeding ontstaan die een arts moet behandelen.
  • Het knippen zelf kan niet zorgen voor koorts. Heeft je baby koorts? Neem dan contact op met een arts.

Het wondje ziet in het begin wit/geel. Dit is normaal en kan ongeveer één tot twee weken duren. Langzaam verandert dit in nieuw roze mondslijmvlies. Een wat oudere baby kan een week lang last van meer speeksel hebben.

Soms is er na drie maanden een telefonische controleafspraak met de KNO arts.

Borstvoeding

Zorg bij de borstvoeding dat u de baby zorgvuldig aanlegt:

  • Breng de neus van de baby op gelijke hoogte van de tepel.
  • Strijk met de tepel over de bovenlip van de baby en wacht tot de baby een grote hap maakt.
  • Breng de baby dan naar de borst door hem aan te halen door druk op het midden van de rug te geven. Tijdens het aanhappen kan het helpen om de borst te vormen met uw hand.
  • De belangrijkste nazorg is goed drinken aan de borst of de fles. Hierdoor leert de baby de tong zo goed mogelijk te gebruiken en dit helpt om het wondje op een goede manier te genezen.

Oefeningen voor de tong

Na het knippen van de tongriem beweegt de baby de tong niet altijd direct op een andere manier. Tongoefeningen kunnen helpen om het gedrag te veranderen. Doe de oefeningen twee keer of vaker per dag. Of verdeel delen van de oefeningen over meerdere keren. Ziet u na de ingreep direct een verandering bij het drinken? Dan zijn de oefeningen niet nodig. De oefeningen moeten geen pijn doen en stress opleveren.

‘Touwtrekken’ met de duim

Laat de baby op uw vinger zuigen (leg uw nagel op de tong). Daarna laat u uw vinger, terwijl de baby zuigt, wat dieper in het mondje komen, tot ongeveer vier centimeter. Trek wanneer de baby krachtig zuigt zachtjes de vinger een klein stukje terug. Zo moedigt u de baby aan om krachtig te blijven vasthouden met de tong.

Tongbewegingen

Raak de onder- of bovenlip of de kaakwallen aan om de tong uit te lokken naar buiten te komen (eventueel met wat melk). Ga met uw vinger heen en weer om de tong mee te laten bewegen.

Tongspiegelen

Houd de baby op een afstand van 20 tot 30 centimeter voor uw gezicht en maak oogcontact. Steek uw tong uit en maak er geluid bij als “aaahhhh”. De baby gaat dit misschien nadoen en ook de tong gebruiken.

Tongwandelen

Laat de baby op een vinger zuigen. Draai uw vinger om met de nagel naar het gehemelte. “Tip/tap” met druk op de tong uw vinger naar buiten. Dit stimuleert de tong om meer te bewegen en te cuppen.

Vragen?

Neem bij vragen contact op met de polikliniek KNO:

  • T 088- 753 1200 (ma t/m vr 08.00-16.30 uur)

Contact