Licht traumatisch hoofdletsel (THL)

Licht traumatisch hoofdletsel (THL)

U (of uw kind) heeft een licht traumatisch hoofdletsel opgelopen. Op deze pagina leest u welke klachten kunnen voorkomen en waar u de komende tijd op moet letten.

Wat is een licht traumatisch hoofdhersenletsel?

Een licht traumatisch hoofdhersenletsel (THL) kan ontstaan door een val of stoot tegen het hoofd. Uw hersenen zijn dan in korte tijd letterlijk ‘door elkaar geschud’.

U kunt daarbij:

  • kortdurend buiten bewustzijn zijn geweest, en/of
  • geheugenverlies hebben

Het kan zijn dat u zich van het ongeval en de periode eromheen (tijdelijk) niets herinnert. Meestal komen herinneringen tot vlak vóór het ongeval snel terug.

Soms herinnert u zich ook niets van de periode na het ongeval. Dit heet posttraumatische amnesie (PTA). In die periode slaan de hersenen geen informatie op. Daarom komen die herinneringen niet terug. Hoe ernstiger het hoofdletsel, hoe langer het bewustzijnsverlies en de PTA duren.

Klachten en gevolgen

De eerste 24 uur

Een licht THL is meestal relatief onschuldig. In uitzonderlijke gevallen ontstaan in de eerste 24 uur toch onverwachte problemen. Artsen kunnen tegenwoordig goed inschatten bij welke patiënten dat risico bestaat.

Als u van de behandelend arts naar huis mag, mag u ervan uitgaan dat het risico op ernstige gevolgen vrijwel is uitgesloten.

De eerste dagen

De meeste mensen herstellen goed. In de eerste dagen kunt u last hebben van posttraumatische klachten: klachten na een ongeval (trauma). Bijvoorbeeld:

  • hoofdpijn
  • spierpijn (vaak in de nek)
  • problemen met het evenwicht

Dit is normaal en meestal geen reden tot zorgen. De klachten worden vaak vanzelf minder.

U kunt nog enkele weken last hebben van:

  • hoofdpijn, duizeligheid, wazig zien
  • moeite met denktaken; sneller moe en slaperig zijn
  • sneller geïrriteerd zijn
  • trager informatie verwerken
  • geheugen- en concentratieproblemen
  • overgevoeligheid voor licht en geluid, oorsuizen

Onderzoek en diagnose

CT-scan van de hersenen

Op de Spoedeisende Hulp kan de arts besluiten wel of geen CT-scan van de hersenen te maken. Een CT-scan is niet altijd nodig. Dit hangt onder andere af van:

  • de aard van het ongeval
  • het neurologisch onderzoek
  • klachten zoals braken en hoofdpijn
  • de duur van bewusteloosheid of verwardheid

Op een CT-scan kan bijvoorbeeld een schedelbreuk of een kneuzing van de hersenen te zien zijn. In de meeste gevallen is de CT-scan zonder afwijkingen.

Behandeling

Mogelijke opname in het ziekenhuis

Soms wordt u opgenomen in het ziekenhuis. Tijdens opname observeren we u meestal 24 uur, omdat in zeldzame gevallen in de eerste uren na het ongeval onverwachte gebeurtenissen kunnen optreden.

Bij het neurologisch onderzoek letten we op tekenen van neurologische achteruitgang.

Ontslag vanaf de Spoedeisende Hulp

Als de CT-scan geen afwijkingen laat zien, er geen andere letsels zijn en u op de Spoedeisende Hulp al hersteld bent, dan mag u naar huis.

Wanneer contact opnemen na ontslag?

Neem direct contact op met uw huisarts als uw toestand in de eerste dagen na het ongeval achteruitgaat, bijvoorbeeld als:

  • u veel meer hoofdpijn krijgt
  • u telkens opnieuw moet braken
  • u verward bent
  • u suf bent en moeilijk te wekken

Leefregels na het ongeval

Met deze leefregels verkleint u de kans dat klachten erger worden of langer duren.

Eerste dagen na een licht THL

Bedrust

  • Strikte bedrust raden we af.
  • Probeer na maximaal 2–3 dagen rust uw activiteiten gedoseerd op te pakken, passend bij uw klachten.

Pijnstilling

  • Gebruik bij voorkeur paracetamol (zo nodig ibuprofen).
  • Gebruik pijnstillers niet om door te gaan ondanks klachten. Ze helpen om overdag normaal te functioneren en ’s nachts beter te slapen.

Schermgebruik

  • Beperk in de eerste 48 uur: televisiekijken, computergebruik en videospelletjes.
  • Bouw daarna uw schermtijd geleidelijk op, afhankelijk van uw klachten.

Bij overgevoeligheid voor licht en geluid

  • Vermijd oordopjes en zonnebrillen, omdat de prikkelgevoeligheid daardoor juist kan toenemen.

Alcohol en drugs

  • Drink geen alcohol en gebruik geen drugs. Dit kan klachten verergeren en herstel vertragen.
  • Als alcohol een rol speelde bij het ongeval, bespreek uw alcoholgebruik met uw huisarts.
  • Als verkeersdeelnemer mag het alcoholgehalte niet hoger zijn dan 0,5 promille (ongeveer twee glazen alcohol).

Hervatten van werk

  • U kunt weer aan het werk, ook als u nog klachten heeft.
  • Met klachten kan werken lastiger zijn. Maak samen met uw werkgever of bedrijfsarts een plan om uw werk rustig op te bouwen.

Verkeer

  • Klachten kunnen uw rijvaardigheid beïnvloeden.
  • U heeft hierin een eigen verantwoordelijkheid. Hervat autorijden pas als klachten het dagelijks functioneren niet meer beïnvloeden.
  • Een fietshelm biedt goede bescherming tegen (nieuw) hersenletsel.

Sport

  • Doe geen sport met risico op een (meervoudige) hersenschudding, zoals vecht- en contactsporten (bijvoorbeeld boksen of (prof)voetbal).
  • Andere sporten kunt u weer doen zodra u zich ertoe in staat voelt.
  • Draag bij sporten met kans op hoofdletsel (zoals schaatsen en paardrijden) een helm.

Lange termijn

Meestal nemen de klachten vanzelf af. Bij een kleine groep patiënten houden klachten langer aan.

Heeft u na zes weken nog klachten die invloed hebben op het oppakken van activiteiten? Overweeg dan om een afspraak te maken met uw huisarts.

Veel voorkomende klachten zijn:

  • hoofdpijn
  • overgevoelig voor licht en geluid
  • duizeligheid en evenwichtsproblemen
  • vermoeidheid of slaapproblemen
  • verandering in gedrag of emoties (prikkelbaar, stemmingswisselingen)
  • problemen met denken of geheugen
  • problemen met aandacht en concentratie
  • problemen met plannen en uitvoeren van activiteiten

Praktische informatie vindht u ook op Thuisarts.nl.

Neem bij aanhoudende klachten contact op met uw huisarts.

Gaat u voor deze klachten (of andere klachten) naar een arts? Vertel dan altijd dat u een licht THL heeft gehad, ook als dat al jaren geleden is. De arts kan daar dan rekening mee houden.

Informatie bij langdurige klachten vindt u ook op de website van de Hersenstichting, Hersenletsel.nl of de Breinlijn.

Informatie voor (ouders en) kinderen

Wanneer uw kind een licht traumatisch hoofdletsel (THL) heeft opgelopen kunnen de gevolgen in sommige gevallen iets anders zijn. Hieronder leest u meer over welke symptomen kunnen voorkomen en waar u op moet letten.

Symptomen en gevolgen

Symptomen van een hersenschudding kunnen zijn:

  • tijdelijke bewusteloosheid
  • verwardheid
  • geheugenverlies rond het ongeval
  • hoofdpijn
  • misselijkheid en braken
  • uitwendige verwondingen

Meestal verdwijnen de klachten spontaan, vaak binnen een week. Een klein deel van de kinderen blijft langer gevoelig voor hoofdpijn of heeft bijvoorbeeld last van vermoeidheid. Kinderen kunnen ook sneller overprikkeld en emotioneel zijn dan voorheen.

Meestal verdwijnen ook deze verschijnselen binnen drie maanden na de hersenschudding. Bij uitzondering kunnen kinderen daarna nog klachten houden.

Onderzoek en behandeling

CT-scan

Op de Spoedeisende Hulp kan de arts besluiten wel of geen CT-scan van de hersenen te maken. Dit is niet altijd nodig en hangt onder andere af van:

  • de aard van het ongeval
  • het neurologisch onderzoek
  • klachten zoals braken en hoofdpijn
  • de duur van bewusteloosheid of verwardheid

Op de CT-scan kan bijvoorbeeld een schedelbreuk of een kneuzing van de hersenen zichtbaar zijn.

Mogelijke opname in het ziekenhuis

Soms wordt uw kind opgenomen. Tijdens opname observeren we uw kind meestal 6 tot 24 uur, omdat in zeldzame gevallen in de eerste uren na een hersenschudding onverwachte gebeurtenissen kunnen optreden.

In het ziekenhuis letten we op tekenen van neurologische achteruitgang.

Ontslag vanaf de Spoedeisende Hulp

De meeste kinderen mogen vanaf de Spoedeisende Hulp naar huis. U krijgt als ouders instructies mee wanneer u contact moet opnemen met het ziekenhuis.

Contact opnemen na ontslag

Neem contact op met de huisarts als uw kind:

  • na ontslag aanhoudend braakt
  • suffer wordt
  • ondanks paracetamol aanhoudend hoofdpijn houdt
  • 2 weken na de hersenschudding nog moeite heeft met het opstarten van normale activiteiten

Na ontslag: leefregels en herstel

De hersenen moeten zelf herstellen van een licht THL. Er bestaat geen behandeling om dit herstel te beïnvloeden. Wel kunnen leefregels het herstel bevorderen.

Kinderen geven vaak zelf aan hoeveel rust ze nodig hebben, al is dat bij jongere kinderen lastig. Soms wil uw kind minder drukte, lawaai en licht. Uw kind kan ook prikkelbaar zijn en een periode last hebben van:

  • vermoeidheid
  • duizeligheid
  • oorsuizen
  • dubbelzien

Wat oudere kinderen kunnen tijdelijk problemen hebben met aandacht en geheugen.

Pijnstillers

De eerste drie tot vier dagen na ontslag kan uw kind veel hoofdpijn hebben. Bij heftige hoofdpijn kunt u regelmatig een paracetamol-zetpil of -tablet geven. Het beste is om dit op vaste tijden te doen. De dosering bepaalt u in overleg met de arts.

Na enkele dagen tot een week moet u de pijnstillers afbouwen.

Leefregels na het ongeval

Het is belangrijk om te voorkomen dat uw kind binnen korte tijd opnieuw een licht THL oploopt. Dat kan klachten verergeren of langer laten duren.

  • Wees voorzichtig met sporten.
  • Kies een goede helm voor tijdens het fietsen.
  • Laat uw kind de eerste dagen niet te lang televisiekijken of computerspelletjes doen.
  • Kies liever rustige activiteiten, zoals wandelen of lezen.
  • Wissel activiteiten af op basis van klachten en behoefte.
  • Zorg voor voldoende rust en slaap.

Voor jonge kinderen

  • Sluit altijd het autostoeltje, ook als uw kind alleen even in het stoeltje op tafel ligt.
  • Gebruik goede en veilige traphekjes.
  • Breng uw kind de eerste week wanneer mogelijk niet naar de crèche.
  • Daarna hangt het van de klachten af of uw kind naar de crèche kan.
  • Vraag aan het personeel om erop te letten dat uw kind niet op bijvoorbeeld een schommel of glijbaan speelt om vallen te voorkomen.
  • Laat de crèche contact met u opnemen als er iets gebeurt, zodat u uw kind kunt ophalen als dat nodig is.

Voor oudere kinderen en jongeren

Hervatten van school en sporten

  • Als klachten zoals hoofdpijn en vermoeidheid verdwenen of duidelijk verminderd zijn, kan uw kind weer naar school en sport weer opbouwen.
  • Soms is het nodig om de eerste weken alleen ’s ochtends of ’s middags naar school te gaan.
  • Breid dit uit afhankelijk van klachten, en door goed op uw kind te letten.
  • Bouw school- en sportactiviteiten geleidelijk op.
  • Heeft uw kind nog klachten? Vermijd dan vecht- en contactsporten waarbij uw kind snel kan vallen of opnieuw een klap op het hoofd kan krijgen, zoals voetbal, skateboarden, karate, judo of kickboksen.

Alcohol

  • Laat uw kind geen alcohol drinken. Dit kan klachten verergeren.

Verkeer

  • Controleer of uw kind genoeg evenwicht heeft om stabiel te fietsen.
  • Laat uw (jonge) kind bij voorkeur alleen met helm fietsen.
  • Scooter rijden mag alleen als u zeker weet dat uw kind zich goed kan concentreren en snel kan reageren op onverwachte situaties.

Controleafspraak

Uw huisarts ontvangt na het bezoek aan de Spoedeisende Hulp of na ziekenhuisopname een brief met medische informatie.

Meestal wordt uw kind na ontslag nog een keer teruggezien op de polikliniek of er volgt een telefonische controle. Tijdens dit contact vraagt de arts naar de klachten en geeft adviezen.

Het kan zijn dat uw kind tijdens het polikliniekbezoek een neurologisch onderzoek krijgt. U kunt dan ook vragen stellen.